Steunpunt Taal en Rekenen VO

Veelgestelde vragen

 

 
 
Is het gebruik van een woordenboek toegestaan bij de rekentoets?
Ja, het gebruik van een woordenboek mag worden toegestaan bij de rekentoets, net zoals dat het geval is bij alle andere Centraal Examenonderdelen.
Details over het soort woordenboek en andere informatie hierover treft u via deze link aan op examenblad.nl.

 

Telt het rekentoetscijfer ook mee voor het gemiddelde cijfer voor het centraal examen?
Nee, het rekentoetscijfer telt niet mee bij het bepalen van het gemiddelde CE-cijfer, dat minimaal een 5,5 moet zijn.

 

Is het zo dat je voor rekenen compensatiepunten kunt krijgen?
Nee, een hoog rekentoetscijfer levert geen compensatiepunten op binnen de slaag-zakregeling. Tot 15 maart 2018 was er een uitzondering op deze regel bij het judicium cum laude in de slaag-zakregeling voor vwo.

Toelichting bij het judicium cum laude vwo
Op 15 december heeft minister Slob in een brief aangegeven dat het rekentoetscijfer gaat verdwijnen uit de kernvakkenregel van de slaag-zakregeling voor het vwo. Op 14 maart 2018 zijn de wijzigingen van het Eindexamenbesluit vo in het Staatsblad gepubliceerd en is het Examenbesluit (EB) daarop aangepast.
Het cijfer op de rekentoets telt vanaf 15 maart 2018 voor geen enkel schooltype meer mee voor gemiddelde cijfer bij het judicium cum laude. Wel is voor het lopende schooljaar 2017-2018 artikel 61 aan het EB toegevoegd met een overgangsbepaling op dit punt in het geval het cijfer positief begunstigend is voor het behalen van het judicium cum laude in het vwo. Leerlingen kunnen in dat geval het rekentoetscijfer in 2017-2018 alsnog betrekken bij de bepaling van het judicium cum laude. Daarna is artikel 61 niet langer van kracht.

 

Komt een leerling met een vmbo-diploma, met de rekentoets op 2F (of 2ER), in aanmerking voor een vrijstelling in het mbo bij een niveau 2 of niveau 3-opleiding?
Nee, in alle gevallen zal een vmbo-leerling die doorstroomt naar een mbo-opleiding op niveau 2 of 3, waaraan óók het referentieniveau 2F is toegewezen, het rekenexamen opnieuw moeten afleggen als onderdeel van de examinering. Dit heeft te maken met de onderhoudsplicht van het mbo. De leerlingen moeten daarom aan het eind van hun mbo-opleiding aantonen dat ze nog steeds over voldoende rekenvaardigheden beschikken.

 

Heeft een leerling met een vo-diploma, die de rekentoets op 3F (of 3ER) heeft behaald, in het mbo een vrijstelling voor de rekentoets?
Ja, in principe wel en dat geldt voor alle vier de niveaus in het mbo. Maar hier zijn wel voorwaarden aan verbonden. Deze voorwaarden zijn te vinden in het Examen- en kwalificatiebesluit beroepsopleidingen, artikel 3b onder punt 2. Kortweg komen de voorwaarden neer op:
1. Het 3F- of 3ER-rekentoetscijfer moet op de cijferlijst zijn vermeld.
2. Het 3F- of 3ER-rekentoetscijfer moet minimaal een 6 zijn.
3. De mbo-opleiding moet binnen 2 jaar nadat het vo-diploma is behaald worden afgerond.
Voor havo- en vwo-leerlingen is de kans groot dat zij aan deze drie voorwaarden kunnen voldoen. Zij kunnen dan dus in aanmerking komen voor zo'n vrijstelling. Voor leerlingen met een vmbo-diploma met de rekentoets op 3F (of 3ER) is het niet zo aannemelijk dat zij kunnen voldoen aan de derde voorwaarde. Dit is bijvoorbeeld vrij zeker het geval bij een niveau 4-opleiding in het mbo.
Als een voormalige vo-leerling niet aan alle drie voorwaarden voldoet, zal deze aan het eind van de mbo-opleiding – vanwege de onderhoudsplicht van het mbo – het rekenexamen toch weer opnieuw moeten afleggen.

 

Wanneer ben je - of hoe word je - bevoegd om rekenles te geven in het vo?
Het ministerie van OCW heeft hiervoor een wettelijke grondslag gecreëerd door middel van een zogenaamde conversietabel. De regeling is via deze link te vinden. Het gaat om een tabel van schoolvakken, waarvoor geen aparte bevoegdheid kan worden behaald via een lerarenopleiding. Rekenen is in het vo (en mbo) zo'n 'vak'.

In de tabel wordt aangegeven dat de officiële lerarenopleidingen wiskunde, natuurkunde, economie en scheikunde onder bepaalde voorwaarden ook een 'bevoegdheid' kunnen opleveren voor rekenen. Zie voor de voorwaarden de rechterkolom in de conversietabel.

Met een willekeurige andere lerarenopleiding kun je ook bevoegd worden voor het geven van rekenen. De lerarenopleiding moet dan aangevuld worden met het vak Rekenen (zoals dat wordt aangeboden bij de lerarenopleiding Wiskunde), of: als de bevoegdheid in een ander vak is aangevuld met een post-hbo traject Rekendidactiek, gebaseerd op het raamwerk scholing en nascholing rekendocent vo/mbo. Dat laatste moet dan blijken uit een aantekening op het getuigschrift, respectievelijk uit een certificaat.

Uit de brief van het ministerie van OCW van 6 oktober 2015 wordt duidelijk dat pabo-gediplomeerden mogelijk eenvoudiger en sneller bevoegd kunnen worden voor het geven van rekenlessen in het vo, dan na het volgen van een hiervoor genoemde lerarenopleiding. Op dit moment is het Steunpunt taal en rekenen vo nog in afwachting van concrete maatregelen.
We zullen deze veelgestelde vraag uiteraard aanpassen zodra hier meer over bekend is geworden.

Als zij-instromer is het in sommige gevallen ook al mogelijk om (reken)les te mogen geven in het vo. Zie via deze link de informatie hierover op www.rijksoverheid.nl.

 

Telt het cijfer van de rekentoets mee in de slaag-zakregeling?
Voor alle vo-leerlingen geldt dat de rekentoets nog steeds een verplicht onderdeel is van het eindexamen, dit is opgenomen in het Eindexamenbesluit vo in de artikelen 49 (vmbo) en 50 (havo-vwo). Een leerling heeft vier kansen en moet de rekentoets ten minste één keer hebben afgelegd om een vo-diploma te kunnen behalen. Daarmee is de rekentoets een verplicht onderdeel van de slaag-zakregeling, maar de hoogte van het cijfer telt niet mee. Dit is per 15 maart 2018 voor alle schooltypen gelijk getrokken in het Eindexamenbesluit vo.

 

Mag de rekentoets bij gespreid examen in het voorexamenjaar en de beide examenjaren afgelegd worden?
Iedere leerling heeft recht op in totaal vier kansen voor de rekentoets, waarvan er ten minste één in het voorlaatste leerjaar aangeboden moet worden. Dit heeft tot gevolg dat een leerling die daarna – op grond van artikel 59 van het Eindexamenbesluit vo – gespreid examen doet de resterende kansen mag benutten in het eerste schooljaar van het gespreid examen óf in het daarop volgende schooljaar. Ook mag deze leerling de resterende kansen verdelen over de beide schooljaren. Hierdoor kan het afleggen van de rekentoets in dit geval in de praktijk gespreid worden over maximaal 3 jaar.

 

Inzagerecht in de rekentoets
Sinds het schooljaar 2015-2016 is het voor leerlingen en docenten mogelijk de rekentoets in de daarvoor bestemde periode in te zien. De school moet de inzage mogelijk maken. Scholen moeten hiervoor de zogenaamde Inspector Cliënt downloaden en installeren.
Leerlingen kunnen met vragen en opmerkingen over de rekentoets vo terecht bij het LAKS. Het LAKS heeft hiervoor de website Rekentoetsklacht ontwikkeld en een examenlijn ingesteld. Het College voor Toetsen en Examens (CvTE) heeft voor leerlingen ook een formulier opgesteld: Formulier inhoudelijke opmerkingen rekentoets leerlingen.
Docenten en andere functionarissen kunnen hun opmerkingen aan het CvTE richten via het Formulier inhoudelijke opmerkingen rekentoets.
Reacties over de normering van de betreffende rekentoets is maar een beperkte periode mogelijk. Zie voor de deadlines de brochure van het CvTE over de rekentoets vo of de activiteitenplanning op www.examenblad.nl. Reacties die na de deadline binnenkomen worden nog wel bij de evaluatie van de toetsen betrokken. 

 

Rekentoets: invoer punt of komma en afronden
Bij vragen waar het mogelijk is om in het antwoord een punt en komma in te voeren, wordt een punt automatisch omgezet in een komma. Dit betekent dat als een leerling een decimaal getal met een punt invoert (wat een logische handeling is op het numerieke toetsenbord bij een computer) dit getal met een komma wordt afgebeeld. Invoer van 12.45 wordt dus getoond als 12,45.
Op de instructiebladen die voorafgaan aan de toetsen worden leerlingen hierover geïnformeerd door middel van onderstaande tekst:
Bij vragen waar het mogelijk is om een punt en komma in te voeren, wordt een punt automatisch omgezet in een komma. Gebruik dus geen punten om duizendtallen aan te geven. Dus niet: 23.000, want dat wordt automatisch 23,000. Wel: 23000.
 
Afronden in rekentoets
Uitgangspunt voor het afronden van getallen is – zoals vermeld in de Syllabus – dat het resultaat van een berekening moet worden afgerond in overeenstemming met de situatie. Bij geldbedragen gaat het bijvoorbeeld om afronden op twee cijfers achter de komma. Waar nodig, wordt er bij de vraag een instructie gegeven voor de manier van afronden.

 

Waar kan ik als vo-leerling terecht als ik een klacht over de rekentoets heb?
Je kunt een klacht over de Rekentoets vo via deze link doorgeven aan het Landelijk Actie Kommité Scholieren (LAKS). Ook kun je op deze website van het LAKS antwoorden op veelgestelde vragen vinden. Het College voor Toetsen en Examens (CvTE) heeft voor leerlingen ook een formulier opgesteld: Formulier inhoudelijke opmerkingen rekentoets leerlingen.


Waar kan ik als ouder met vragen over het onderwijs terecht?
Ouders & onderwijs is er voor alle ouders met schoolgaande kinderen. Dit informatiepunt biedt informatie aan ouders over het onderwijs en de school van hun kind. Via deze link vindt u meer informatie, ook kunt u daar met uw vragen terecht.
 

 

Hoe zit het met de cijferdifferentiatie voor het vmbo?
Met ingang van het schooljaar 2015-2016 is de cijferdifferentiatie bij het rekentoetscijfer voor vmbo-gl en -tl afgeschaft. Cijferdifferentiatie wordt tot nader bericht alleen nog toegepast bij het rekentoetscijfer van vmbo-bb. Voor deze leerweg is het rekentoetscijfer met één cijferpunt opgehoogd ten opzichte van vmbo-kb, -gl en -tl.

 

Hoe zit het met het herkansen van de rekentoets en herkansen met een vrijstelling?
Artikel 51a van het Eindexamenbesluit vo is gewijd aan de herkansing van de rekentoets. Er wordt onder andere beschreven dat er in totaal vier keer een rekentoets gemaakt mag worden, waarvan de eerste in het voorlaatste leerjaar moet worden aangeboden. Het hoogst behaalde resultaat is het eindresultaat. 
Als een leerling in het reguliere vo bij opstroom naar een hoger schooltype recht heeft op een vrijstelling – en hij kiest er toch voor om deel te nemen aan de rekentoets – dan mag die leerling, indien het eerder behaalde cijfer niet is geëvenaard of verbeterd, terugvallen op het eerder behaalde resultaat dat bij zijn vrijstelling behoort. Ook hier geldt dat het hoogst behaalde resultaat telt.
N.B.: In het vavo geldt de daar gebruikelijke vrijstellingsregeling. Als een leerling ervoor kiest om een CE-onderdeel over te doen, verliest hij daarmee een eventuele vrijstelling voor dat vak. Dit geldt ook voor de rekentoets.

Is de rekentoets afgelegd op verschillende niveaus of op zowel regulier als op ER, dan bepaalt de directeur in overleg met de leerling welk van de behaalde resultaten op de cijferlijst komt te staan.

  

Zit de rekentoets in de slaag-zakregeling voor vmbo-bb- en LWT-leerlingen?
Een leerling die in het vmbo het eindexamen heeft afgelegd in de basisberoepsgerichte leerweg moet conform artikel 49, eerste lid, onderdeel b, de rekentoets hebben afgelegd. De hoogte van het rekentoetscijfer telt niet mee in de slaag-zakregeling. In artikel 53a is bepaald dat het rekentoetscijfer op een bijlage bij de cijferlijst wordt vermeld. Op deze bijlage is niet zichtbaar of het gaat om een cijfer voor 2A, 2F, 2A-ER of 2ER.
Als een vmbo-bb leerling de rekentoets 3F heeft afgelegd, wordt in het vakje Niveau op de bijlage '(havo)' vermeld.

Een leerling die het eindexamen vmbo basisberoepsgerichte leerweg heeft afgelegd ter afsluiting van een leerwerktraject moet in afwijking van artikel 49, het eerste lid, conform de bepalingen in artikel 49 het 6e lid voor zowel het beroepsgerichte programma als voor het vak Nederlandse taal ten minste het eindcijfer 6 hebben behaald én de rekentoets hebben afgelegd. De hoogte van het rekentoetscijfer telt niet mee in de slaag-zakregeling. Verder geldt ook hier de bepaling in artikel 53a dat het rekentoetscijfer op een bijlage bij de cijferlijst wordt vermeld. Op deze bijlage is niet zichtbaar of het gaat om een cijfer voor 2A, 2F, 2A-ER of 2ER.

 

Zit de rekentoets in de slaag-zakregeling voor vmbo-kb- en vmbo-gl/tl-leerlingen?
Een leerling die in het vmbo het eindexamen heeft afgelegd in de kaderberoepsgerichte-, de gemengde- of de theoretische leerweg dient conform de bepalingen in het Eindexamenbelsuit vo, artikel 49, voor het vak Nederlandse taal als eindcijfer 5 of meer te hebben behaald én moet de rekentoets ten minste één keer hebben afgelegd. De hoogte van het rekentoetscijfer telt niet mee in de slaag-zakregeling. Voor deze leerlingen is in de regeling modellen diploma's en cijferlijsten bepaald dat het eindcijfer voor de rekentoets op de cijferlijst zelf moet worden geplaatst, waarbij zichtbaar is welk type rekentoets is afgelegd: 2ER, 2F of 3F. 

 

Zit de rekentoets in de slaag-zakregeling voor havoleerlingen?
Een leerling die in het havo het eindexamen heeft afgelegd, mag conform de bepalingen in het Eindexamenbelsuit vo, artikel 50, voor maximaal één van de vakken Nederlandse taal en literatuur, Engelse taal en literatuur en voor zover van toepassing wiskunde A, Wiskunde B of wiskunde C één eindcijfer 5 hebben behaald en moet voor de overige hiervoor genoemde vakken ten minste het eindcijfer 6 hebben behaald én moet de rekentoets ten minste één keer hebben afgelegd. De hoogte van het rekentoetscijfer telt niet mee in de slaag-zakregeling. Voor havo is in de regeling modellen diploma's en cijferlijsten bepaald dat het eindcijfer voor de rekentoets op de cijferlijst zelf moet worden geplaatst, waarbij zichtbaar is welk type rekentoets is afgelegd: 3F of 3ER. 

 

Zit de rekentoets in de slaag-zakregeling voor vwo-leerlingen?
Let op: Dit antwoord is gewijzigd i.v.m. de wijzigingen van het Eindexamenbesluit vo die per 15 maart 2018 zijn ingegaan.
Een leerling die in het vwo het eindexamen heeft afgelegd, mag conform de bepalingen in het Eindexamenbelsuit vo, artikel 50, voor maximaal één van de vakken Nederlandse taal en literatuur, Engelse taal en literatuur en voor zover van toepassing wiskunde A, Wiskunde B of wiskunde C één eindcijfer 5 hebben behaald en moet voor de overige hiervoor genoemde vakken ten minste het eindcijfer 6 hebben behaald én moet de rekentoets ten minste één keer hebben afgelegd. De hoogte van het rekentoetscijfer telt niet mee in de slaag-zakregeling. Voor vwo is in de regeling modellen diploma's en cijferlijsten bepaald dat het eindcijfer voor de rekentoets op de cijferlijst zelf moet worden geplaatst, waarbij zichtbaar is welk type rekentoets is afgelegd: 3F of 3ER.


Heeft een leerling met een vmbo-diploma die de rekentoets op 3F heeft behaald in het havo een vrijstelling voor de rekentoets?
Ja, dit is bepaald in het Eindexamenbesluit vo, artikel 13 het 4e lid. Wil een vmbo-leerling – die na het behalen van het vmbo-diploma opstroomt naar het havo – in aanmerking komen voor een vrijstelling voor de rekentoets, dan moet het 3F-cijfer wel op de vmbo-cijferlijst staan. Daarnaast kan een leerling die is opgestroomd in het reguliere vo, ondanks zijn vrijstelling, proberen een hoger cijfer te behalen. 
Lukt dat niet, dan kan hij nog steeds terugvallen op het cijfer dat hoort bij zijn vrijstelling, mits zijn vrijstelling nog niet is verlopen qua tijdsduur (max. 10 jaar, zie art. 48, 5e lid van het EB).
Toelichting: Deze geldigheidsduur zal in het reguliere vo nooit overschreden kunnen worden als een leerling met een vrijstelling opstroomt. In de praktijk is er geen situatie denkbaar waarin de termijn van maximaal 10 jaar in het reguliere vo bereikt zal worden. Deze toevoeging is daarom alleen van toepassing op situaties die zich bij Staatsexamens dan wel bij het vavo kunnen voordoen.

Heeft een leerling die met een havodiploma vwo gaat doen een vrijstelling voor de rekentoets?
Ja, dit is bepaald in het Eindexamenbesluit vo, artikel 11 het 3e lid. Daarbij kan een leerling in het reguliere vo ondanks zijn vrijstelling proberen een hoger cijfer te behalen.
Lukt dat niet, dan kan hij nog steeds terugvallen op het cijfer dat hoort bij zijn vrijstelling, mits de vrijstelling nog niet is verlopen qua tijdsduur (max. 10 jaar, zie art. 48, 5e lid van het EB).
Het rekentoetscijfer komt, met vermelding van het niveau 3F, op de nieuwecijferlijst.

Toelichting geldigheidsduur: die zal in het reguliere vo nooit overschreden kunnen worden als een leerling met een vrijstelling opstroomt. In de praktijk is er geen situatie denkbaar, waarin de termijn van maximaal 10 jaar in het reguliere vo bereikt zal worden. Deze toevoeging is daarom alleen van toepassing op situaties die zich bij Staatsexamens of bij het vavo kunnen voordoen.

 

Hoe zit het met het cijfer van de pilot rekentoets 3S in het vwo?
Zolang de rekentoets 3S nog in de pilotfase verkeert, wordt een behaald 3S-cijfer NIET als zodanig op de cijferlijst vermeld. Deelname aan de pilot 3S geldt als een extra kans. Mocht het 3S-cijfer hoger zijn dan het 3F- of 3ER-cijfer, dan mag het als 3F-cijfer op de cijferlijst worden vermeld.
Scholen kunnen ervoor kiezen om deelnemers aan de 3S-pilot een verklaring bij het diploma mee te geven, waarop is aangegeven dat ze de 3S-toets hebben afgelegd en welk resultaat daarbij is behaald.

 

Is er een aangepaste rekentoets voor leerlingen met ernstige rekenproblemen, zoals dyscalculie?
Voor leerlingen met ernstige rekenproblemen, zoals dyscalculie, is er een aparte toets. Dit is de rekentoets ER. Er is geen dyscalculieverklaring nodig om deze toets te kunnen maken. De rekentoets ER is niet gemakkelijker, maar wel beter te maken als een leerling ernstige problemen met rekenen heeft.
Als een leerling het diploma heeft behaald door middel van de rekentoets ER, wordt dat op de cijferlijst vermeld. Dit geldt voorlopig nog niet voor vmbo-bb. Het is ook mogelijk om na de rekentoets ER te herkansen met de reguliere rekentoets.

De rekentoets ER is er op 2 niveaus: 2ER op niveau 2F en 3ER op niveau 3F. Daarnaast wordt er een pilot uitgevoerd met een rekentoets 2AER voor vmbo-bb.

Sinds het schooljaar 2015-2016 is de rekentoets ER een officiële rekentoets. De aanpassingen zijn vergelijkbaar met de aanpassingen bij onder andere Nederlands en Engels voor leerlingen met dyslexie of met de aanpassingen voor blinde leerlingen. Er worden hulpmiddelen toegestaan die ervoor zorgen dat de leerling minder hinder heeft van zijn beperking (audio bij dyslexie, rekenmachine en rekenkaart voor ER, braille voor de blinde leerling). Een verschil met de aanpassingen voor dyslexie is dat in de rekentoets ER ook de set opgaven deels is aangepast, om te voorkomen dat de leerling bij elke opgave vastloopt vanwege zijn beperking of dat opgaven door gebruik van de rekenmachine zinloos worden.

Het resultaat voor de rekentoets ER telt op dezelfde manier mee als voor andere leerlingen met de reguliere rekentoets het geval is. Blijkt na drie afnames dat een leerling nog steeds blokkeert en daardoor niet laat zien wat hij kan – terwijl uit de overige examenresultaten blijkt dat hij aan de daarvoor geldende eisen voldoet –  dan kan de school bij het CvTE vragen om een mondelinge afname van de laatste toetsgelegenheid. Bij deze afname gelden dezelfde eisen, maar kan de examinator adequaat reageren als hij een blokkade merkt.

Eén van de voorwaarden voor deelname aan de rekentoets ER is dat er een beknopt leerlingdossier wordt samengesteld. Via deze link kunt u een voorbeeld van een leerlingdossier downloaden.

Gebruik van een eigen rekenmachine (eenvoudige uitvoering) is bij alle opgaven bij de rekentoets ER toegestaan, maar in het afnameprogramma is standaard bij iedere opgave van de rekentoets ER ook een digitale rekenmachine beschikbaar. Ook is er een rekenkaart die deze leerlingen mogen gebruiken.

 

Wat als een leerling die in het bezit is van een dyscalculieverklaring toch de reguliere 2F/3F-rekentoets wil maken?
Dat kan. In dat geval heeft deze leerling op grond van artikel 55 van het Eindexamenbesluit vo recht op maximaal 30 minuten tijdverlenging en mag hij een standaard rekenkaart gebruiken. Tijdverlenging geldt niet alleen voor de rekentoetsafname, maar ook bij alle andere CE's. Bovendien is het gebruik van de standaard rekenkaart voor deze leerling ook toegestaan bij CE's in vakken waarbij rekenvaardigheden een rol spelen.

 

Is een eerste afname van de rekentoets in het voorexamenjaar verplicht?
In artikel 46 van het Eindexamenbesluit vo staat:
De rekentoets wordt afgenomen in het voorlaatste en laatste schooljaar. Verder heeft een leerling maximaal vier kansen en telt een schooljaar (sinds 2015-2016) drie afnameperioden voor de rekentoets, in januari, maart en mei/juni. Dit heeft tot gevolg dat scholen de leerlingen in het voorlaatste leerjaar ten minste één keer in de gelegenheid moeten stellen om de rekentoets te maken. 

 

Wanneer moeten de rekentoetscijfers via BROn aan DUO worden gemeld?
Tegelijk met het aanleveren van de eindcijfers van alle eindexamenvakken moet ook het vastgestelde eindcijfer van de rekentoets, samen met het toetstype waarop dat eindresultaat behaald is, aan DUO worden doorgegeven. Vanaf het schooljaar 2015-2016 is het niet meer verplicht om na iedere afnameperiode het rekentoetscijfer via BROn aan DUO te melden.

 

Wat gebeurt er met het cijfer van de rekentoets als een leerling in het voorlaatste schooljaar doubleert en/of afstroomt?
In het Eindexamenbesluit vo, artikel 46 het 7e lid staat hierover het volgende:
Indien de leerling de rekentoets heeft afgelegd in het voorlaatste leerjaar en niet is bevorderd naar het laatste leerjaar, vervallen de met de rekentoets behaalde resultaten. De leerling krijgt weer vier nieuwe kansen om de rekentoets af te leggen.
In afwijking hiervan kan de leerling die na het voorlaatste leerjaar vwo deelneemt aan het laatste leerjaar van het havo en de leerling die na het voorlaatste leerjaar van het havo deelneemt aan het laatste leerjaar van één van de leerwegen van het vmbo, het op het vwo respectievelijk havo behaalde cijfer voor de rekentoets behouden.

Bij afstroom binnen het vmbo (bijvoorbeeld bij een overstap aan het eind van het schooljaar van 3 kb naar 4 bb) mag het rekentoetscijfer dat in het jaar voorafgaand aan het eindexamenjaar is behaald behouden worden.

 

Wanneer krijgt een leerling vrijstelling voor de rekentoets in het vavo?
Gaat een vmbo-tl-, havo- of vwo-leerling zijn vo-diploma afronden via het vavo, dan kan hij het cijfer voor de rekentoets meenemen. Met ingang van 15 maart 2018 is er aan het Eindexamenbesluit vo in artikel 9 het 1e lid onder g. een extra bepaling toegevoegd. Daarin is geregeld dat een vavo student kan worden vrijgesteld van de rekentoets indien hij de rekentoets heeft afgelegd die ten minste gelijk is aan het referentieniveau dat geldt voor de schoolsoort waarin het eindexamen wordt afgelegd. Daarmee is de bepaling in artikel 9 het 4e lid niet langer van toepassing op de rekentoets en kan de student met elk cijfer in aanmerking komen op een vrijstelling. In dat geval komt het eerder behaalde cijfer met vermelding van het niveau op de cijferlijst van het diploma.

Voor alle vrijstellingen in het vavo geldt dat, indien een student besluit het cijfer te gaan verbeteren, daarmee de vrijstelling met het bijbehorende cijfer komt te vervallen. Dit geldt ook voor een eventuele vrijstelling van de rekentoets.

 

Wat gebeurt er met het cijfer van de rekentoets als een leerling in het eindexamenjaar zakt?
Als een leerling is gezakt in het eindexamenjaar, vervallen alle behaalde CE-resultaten binnen het reguliere voortgezet onderwijs. De rekentoets is een verplicht onderdeel van het CE en ook dat resultaat vervalt, ook als dit al in het voorlaatste leerjaar is behaald. Leerlingen die in het eindexamenjaar zijn gezakt en het eindexamen in het reguliere vo overdoen, krijgen weer drie nieuwe kansen en moeten de rekentoets ten minste één keer opnieuw in het nieuwe eindexamenjaar afleggen.

 

Wat te doen met leerlingen die niet komen opdagen bij de voor hen geplande afname van de rekentoets?
Over het algemeen geldt hiervoor hetzelfde als bij het niet komen opdagen bij een afname van het (papieren) Centraal Examen. Het is aan de school (directeur) om vast te stellen of er sprake is van een rechtmatige afwezigheid of niet en vervolgens op grond van die bevinding te handelen. Als er geen geldige reden voor de afwezigheid was, kan de directeur beslissen dat de leerling hierdoor een kans heeft verspeeld. 
Als een leerling met een geldige reden afwezig was, kan de school allereerst proberen die leerling binnen dezelfde afnameperiode alsnog in te plannen voor een afname. Lukt dat niet meer en gaat het om een leerling uit het eindexamenjaar, dan kan die leerling de rekentoets afleggen in de afnameperiode van maart of mei/juni (let op: er is maar één afname per leerling in een afnameperiode mogelijk). Mocht die leerling de kans die hierdoor niet is benut alsnog willen benutten (of nodig hebben), dan kan gebruik worden gemaakt van het recht op herkansing in het derde tijdvak (staatsexamen).
Gaat het om leerlingen uit het voorlaatste schooljaar, dan behouden zij het recht op vier kansen. Alleen is dit meestal gemakkelijker te regelen door de school zelf, omdat er in de laatste twee schooljaren in totaal zes afnameperioden zijn. Dit is uiteraard afhankelijk van op welke momenten de school de afnames aanbiedt aan leerlingen in het voorlaatste jaar.

 

Is het toegestaan om te switchen van niveau en welk cijfer komt dan op de cijferlijst?
Vanaf schooljaar 2015-2016 is switchen van niveau toegestaan. Dit houdt in dat bijvoorbeeld de routes 2/3F naar 2/3ER of 2/3ER naar 2/3F en in het vmbo van 2F naar 3F en terug zijn toegestaan. Is de rekentoets afgelegd op verschillende niveaus, dan bepaalt de directeur in overleg met de leerling welk van de behaalde resultaten op de cijferlijst wordt vermeld.

Een vmbo-leerling kan bij opstroom naar het havo op grond van het Eindexamenbesluit vo (EB), artikel 13 het 4e lid, vrijstelling krijgen voor de rekentoets. In dat geval moet het behaalde 3F-cijfer wel op de cijferlijst worden gezet, want dit is het enige officiële document waarop een vrijstelling kan/mag worden gebaseerd. Een school kan er altijd voor kiezen om het hoogst behaalde cijfer van het andere niveau dat niet op de cijferlijst komt, mee te geven in de vorm van een schoolverklaring. Die is niet rechtsgeldig, maar een leerling kan daarmee wel laten zien hoe hij op dat andere referentieniveau heeft gescoord.
Met een 5 of lager op 3F kan een leerling nog steeds een vrijstelling krijgen, want het EB schrijft in het genoemde artikel geen minimumcijfer voor.
Per 15 maart 2018 is in het Eindexamenbesluit vo bepaald dat de hoogte van het rekentoetscijfer niet meetelt in de slaag-zakregeling, waarmee een leerling met ieder rekentoetscijfer kan slagen voor het vo-diploma.

Over het algemeen geldt in de situatie van een vrijstelling dat het eerder behaalde cijfer later, conform artikel 52 het 7e lid, wel weer opnieuw via BROn aan DUO moet worden gemeld en op de cijferlijst moet worden geplaatst. Er wordt in het geval van de rekentoets niet gewerkt met een aanduiding 'vrijstelling ' o.i.d..
Gaat het om een laag cijfer, dan doen leerlingen er verstandig aan zich te realiseren dat vrijwel alle vervolgopleidingen kritisch naar het rekencijfer kijken. In dat geval is het vaak raadzaam om toch maar te herkansen, ook al komt een leerling in aanmerking voor een vrijstelling. Lukt het bij een herkansing niet om het eerder behaalde cijfer te evenaren of te verbeteren, dan mag er (alleen in het reguliere vo) op het cijfer dat bij de vrijstelling behoort worden teruggevallen.

 

Welk cijfer moeten Leerwerktraject (LWT)-leerlingen minimaal voor het vak Nederlands halen?
Let Op: Dit antwoord is als gevolg van het per 15 maart 2018 gewijzigde Eindexamenbesluit vo (EB) aangepast.
De oude regeling, ten minste een 6 voor Nederlands en een 6 voor het beroepsgerichte gedeelte, blijft na de aanpassingen van het EB van kracht.
Een LWT-leerling moet de rekentoets wel hebben afgelegd, het cijfer wordt vermeld op een bijlage bij de cijferlijst (art. 53a) maar telt niet mee in de slaag-zakregeling.

 

Hoeveel kansen hebben leerlingen om de rekentoets te halen?
Artikel 51a van het Eindexamenbesluit vo gaat over het aantal toetsmogelijkheden van de rekentoets. Er wordt onder andere beschreven dat de school een leerling vier keer de gelegenheid moet bieden om de rekentoets te maken, waarbij de eerste kans in het voorlaatste leerjaar aangeboden dient te worden. Het hoogst behaalde resultaat is het eindresultaat (let op: dus niet het laatst behaalde cijfer zoals soms gedacht wordt).
Doet een leerling in één jaar eindexamen (bijvoorbeeld na het jaar daarvoor te zijn gezakt), dan heeft die leerling uiteindelijk drie nieuwe kansen om de rekentoets te maken, analoog aan het aantal afnameperioden in een schooljaar.
Vanaf 2015-2016 mogen herkansing(en) zowel op een hoger als op een lager niveau plaatsvinden. Is de rekentoets afgelegd op verschillende niveaus, dan bepaalt de directeur in overleg met de leerling welk eindresultaat op de cijferlijst wordt vermeld.

Bestaat de mogelijkheid om de rekentoets via het vavo over te doen?
Let op: Dit antwoord is gewijzigd naar aanleiding van de wijzigingen van het Eindexamenbesluit vo die per 15 maart 2018 zijn doorgevoerd.
Sinds deze aanpassingen is het deze vraag niet langer relevant. De hoogte van het rekentoetscijfer telt als gevolg van de aanpassingen bij geen enkele schoolsoort meer mee in de slaag-zakregeling, een leerling kan met ieder cijfer voor de rekentoets het vo-diploma behalen. Daarmee is de noodzaak om de rekentoets via het vavo over te doen komen te vervallen.

 

Waar vind ik oefenmateriaal, leermiddelen en ander aanbod voor taal en rekenen in het vo?
Sinds juli 2016 zijn de rekenopgaven die in 2016 in de rekentoetsen zijn gebruikt via de rekenopgaven-etalage gepubliceerd. Via deze link gaat u naar de betreffende website, waar u via selecties een pdf van opgaven kunt aanmaken.
Via deze link komt u in de oefenomgeving van Facet. Hier kunnen leerlingen online oefenen met de verschillende rekentoetsvarianten. Bedenk daarbij dat ook het reken-oefenmateriaal van het mbo (ander tabblad bovenaan de homepage) goed bruikbaar is als voorbereidingsmateriaal voor vo-leerlingen.
Voor een overzicht van beschikbare leermiddelen voor taal en rekenen in het vo, kunt u terecht op www.wikiwijsleermiddelenplein.nl. Het overige aanbod vindt u terug op de mede door Steunpunt vo geïnitieerde website www.aanbodoverzichttaalenrekenen.nl. U krijgt een overzicht van het vo-aanbod door het vakje ‘VO’ aan te vinken en vervolgens op ‘Zoeken’ te klikken.



Waar vind ik meer informatie over de examenvoorbereiding van leerlingen met dyslexie en dyscalculie?
De LPC hebben in opdracht van OCW een FAQ-document samengesteld met veelgestelde vragen over de examenvoorbereiding voor leerlingen met dyslexie en dyscalculie. Klik hier om dit document te downloaden. Ook heeft het CvTE voorbeeld ER-toetsen op Examenblad.nl gepubliceerd, meer informatie via deze link.
Oefenen met een rekentoets 2ER of 3ER is via de volgende link ook mogelijk in de oefenomgeving van facet.



Welk eindniveau geldt voor het vmbo? Is dat 2F of 3F?

Voor het hele vmbo is het referentieniveau 2F vastgelegd. Dit is het niveau waaraan vmbo-leerlingen ten minste moeten voldoen. Dit geldt ook voor gl/tl-leerlingen.
Goede rekenaars in het vmbo kunnen ook proberen de rekentoets 3F te behalen. Slagen ze daar niet in, dan mogen ze terugvallen op het (hoogst) behaalde 2F-cijfer. 
Voor vmbo-bb leerlingen die het reguliere 2F- of 2ER-niveau waarschijnlijk niet kunnen behalen, is er een alternatief ontwikkeld: de rekentoetsen 2A en 2A-ER. Deze toetsvarianten verkeren nog in de pilotfase. 2A en 2A-ER zijn toetsvarianten die uitsluitend bedoeld zijn voor vmbo-bb-leerlingen.

   

Welk toetsmateriaal is er beschikbaar?

Sinds juli 2016 zijn de rekenopgaven die in 2016 in de rekentoetsen zijn gebruikt via de rekenopgaven-etalage gepubliceerd. Via deze link gaat u naar de betreffende website, waar u via selecties een pdf van opgaven kunt aanmaken.
Via wikiwijsleermiddelenplein kunt u onder andere (toets-)materialen vinden en met elkaar vergelijken.
Ook is het mogelijk om via oefenen.facet.onl online in de officiële Facet digitale examen afnameomgeving rekentoetsen te oefenen en kennis te maken de beschikbare hulpmiddele,  zoals de rekenmachine, high light, verschillende secties, etc. Bedenk ook dat het reken-oefenmateriaal van het mbo (ander tabblad bovenaan de homepage) goed bruikbaar is als voorbereidingsmateriaal voor vo-leerlingen.      
 


Wat betekenen het Steunpunt vo en de Wet referentieniveaus voor het Praktijkonderwijs?

Het Praktijkonderwijs maakt deel uit van het vo en valt daarom ook rechtstreeks onder de doelgroep van het Steunpunt taal en rekenen vo. Het Praktijkonderwijs kan dan ook bij het Steunpunt terecht met vragen en voor advies. Bij de toewijzing van de referentieniveaus aan de verschillende schooltypen is in de wet voor het PRO een uitzondering gemaakt voor het algemeen maatschappelijke niveau 2F. Van het PRO wordt gevraagd om zich in te spannen zo veel mogelijk leerlingen niveau 1F (eindniveau PO) te laten behalen. Daarnaast is het zo dat vanwege de heterogeniteit in het PRO een (in de regel beperkt) deel van de leerlingen in staat is om een hoger niveau dan 1F te bereiken. In die gevallen wordt er vanuit gegaan dat het PRO zich inspant om deze leerlingen op dat hogere niveau te brengen.
 


Hoe verankeren andere scholen het rekenen in hun onderwijs?

Het Steunpunt voorziet met name in de informatievoorziening over het 'wat '. Het  'hoe ' is aan de scholen zelf. Dit komt voort uit de in de WVO verankerde vrijheid van de inrichting van het onderwijs.
Wel heeft het Steunpunt enkele brochures uitgebracht, die voor u mogelijk bruikbare informatie bevatten:
- Rekenlessen uit de praktijk
- Eindrapportage Rekenen op het vo
- Voorbeeldig rekenonderwijs