Wat is taal.

Een middel tot communicatie waarmee met een woordenschat en grammaticaregels een boodschap kan worden overgebracht. Deze boodschap kan gesproken zijn of via tekens (geschreven taal en gebarentaal).

De term taal kan betrekking hebben op het systeem als geheel waarvan tekens de individuele bouwstenen vormen, of op slechts een of enkele van de tekens afzonderlijk.

Heel vaak wordt met taal ook meer specifiek het met behulp van het spreekkanaal voortgebracht communicatiemiddel van de mens bedoeld, dat de vorm heeft van klanken (gesproken taal), naast de geschreven afspiegeling hiervan (geschreven taal).  Een van de hoofdkenmerken van dit communicatiesysteem is dat het alleen door de mens kan worden voortgebracht en gebruikt en meestal ook alleen door de mens wordt begrepen.

Er is een:

  • Passieve taalbeheersing d.m.v. verstaan en lezen.
  • Actieve taalbeheersing d.m.v. spreken en schrijven.

bronvermelding: Wikipedia

 

Taalkunde

Een middel tot communicatie waarmee met een woordenschat en grammaticaregels een boodschap kan worden overgebracht. Deze boodschap kan gesproken zijn of via tekens (geschreven taal en gebarentaal).
De term taal kan betrekking hebben op het systeem als geheel waarvan tekens de individuele bouwstenen vormen, of op slechts een of enkele van de tekens afzonderlijk.


Heel vaak wordt met taal ook meer specifiek het met behulp van het spreekkanaal voortgebracht communicatiemiddel van de mens bedoeld, dat de vorm heeft van klanken (gesproken taal), naast de geschreven afspiegeling hiervan (geschreven taal). Een van de hoofdkenmerken van dit communicatiesysteem is dat het alleen door de mens kan worden voortgebracht en gebruikt en meestal ook alleen door de mens wordt begrepen. Organische zoekmachine optimalisatie SEO 100% op No Cure No Pay Basis, met een pagina 1 garantie op Google.nl, is wat ons onderscheidt van bedrijven met vage beloftes die niet worden nagekomen
Er is een:
Passieve taalbeheersing d.m.v. verstaan en lezen.
Actieve taalbeheersing d.m.v. spreken en schrijven.

Taalkunde
Het bestuderen van de taal van de mensen noemen we taalwetenschap of taalkunde.
Algemene taalkunde is de studie naar de taal als een op zichzelf staand systeem.
Dit is onder te verdelen in een paar deelstudies:
De grammatica
Dit is het systeem waarmee de kleinste eenheden binnen de taal (woorden) worden gecombineerd tot grotere te begrijpen eenheden.
De morfologie
Dit richt zich op de kleinere “bouwstenen” (morfemen) waaruit afzonderlijke woorden zijn opgebouwd.
De fonetiek en de fonologie
Dit richt zich op het analyseren van klanken. Fonologie en morfologie hebben onderlinge raakvlekken. De studie over dit fenomeen wordt morfonologie genoemd.
De semantiek
Dit richt zich specifiek op de betekenis van taaluitingen. Zowel de woord- en de zinssemantiek
De Lexicologie

Dit richt zich op de etymologie van individuele woorden. Hun specifieke betekenis en de onderlinge samenhang. Ook wordt hier de woordenschat van de taal bestudeerd.
Hier is sprake van een nauwe verbintenis met de lexicografie, daar staat meestal het samenstellen van een woordenboek centraal.

bronvermelding: Wikipedia

De pragmatiek.

bronvermelding: Wikipedia

Gesproken en geschreven taal.

bronvermelding: Wikipedia

Taalverwantschap en taalfamilies.

Talen kunnen op grond van hun historische ontwikkeling worden gerangschikt in een bepaalde taalfamilie.
Begin 19e eeuw kwam men erachter dat er verwantschap is tussen verschillende talen. Met name tussen Sanskriet en bepaalde Europese talen zoals Latijn en Oudgrieks.
Tussen de overeenkomsten en verschillen is uitvoerig onderzoek gedaan. Dankzij de taalreconstructie van de vergelijkende methode werd er snel veel duidelijk en werden er stamboommodellen opgesteld.
Volgens schattingen zijn er tussen de 6 en 7 duizend talen die momenteel actief gebruik worden.

Omdat niet altijd duidelijk is of het een andere taal of een dialect is, lopen de schattingen uiteen tussen de 5.000 en 10.000.
Een telling over taalfamilies kwam uit op 249, maar ook dat was niet geheel duidelijk, omdat er in bepaalde talen veel leenwoorden voorkwamen. Dat hield niet in dat het ook weer tot dezelfde taalfamilie behoorde.
Talen waarvan niet bekend is tot welke taalfamilie ze behoren noemt men isolaten of niet geclassificeerde talen.
Enkele voorbeelden zijn Iberisch en Baskisch.

Natuurlijke talen.
Met natuurlijke talen worden alle talen bedoeld die in de loop van de geschiedenis bij verschillende etnische groepen ontstaan zijn en van generatie op generatie worden doorgegeven.

Levende en dode talen.
Levende talen zijn de talen die door kinderen als moedertaal worden aangeleerd en waarmee binnen een kleine of grotere groep wordt gecommuniceerd.
Voorbeelden: Arabisch, Hindi, Italiaans, Engels en natuurlijk ook Nederland.
Dode talen worden niet meer als moedertaal aangeleerd maar ze zijn nog wel in gebruik binnen bepaalde groepen.
Voorbeelden: Latijn, Oudgrieks en Sanskriet.

Standaardtaal versus andere taalvormen.
De standaardtaal is over het algemeen de taal met de hoge status.
In het Nederlands noemt men dat het ABN (Algemeen beschaafd Nederlands).
De ander taalvormen zijn bijvoorbeeld de streektalen zoals het Limburgs en Fries.
Deze dialecten hebben doorgaans een wat lagere algemene status.
Soms zijn talen zo verwant dat men elkaar begrijpt zonder elkaars taal eerst geleerd te hebben.
Een voorbeeld zijn de Scandinavische talen, Zweeds, Deens en Noors.

bronvermelding: Wikipedia